fbpx

RadioVisie

.
TVV Sound
.

Dossier 100 jaar RCA, deel 1: Wat voorafging

Van dinsdag 6 tot en met vrijdag 9 augustus biedt RadioVisie u in een vierdelig zomerdossier de geschiedenis aan van RCA. Vandaag deel 1: wat voorafging.

De merknaam RCA – oorspronkelijk Radio Corp. of America – bestaat op 20 november aanstaande precies 100 jaar. Vandaag is RCA amper een schim van wat het ooit was, een handelsmerk dat enkel nog als een ‘schelp’ in leven wordt gehouden via licenties voor een tiental uiteenlopende productlijnen. Toch kan het belang van RCA voor de wereldwijde radiogeschiedenis nauwelijks worden onderschat, zeker in de eerste vijftig jaar. Al was dat zeker niet altijd in positieve zin.

RCA was vele decennia actief op meerdere fronten tegelijk: het bouwde en ontwikkelde zowel radiozenders als radio-ontvangers, het maakte, als eigenaar van NBC, ook de ‘content’ voor de radio, plus had RCA vanaf de late jaren ’20 een eigen toonaangevend muzieklabel (RCA Victor). RCA zette op die manier in het interbellum radio echt wel mee op de wereldkaart als het allereerste elektronische mediakanaal.

Toch had RCA initieel zeker niet dat media-imperium als doel. De oprichting van het bedrijf had alles te maken met prille knowhow rond radiotechnologie. Die moest en zou, zowel militair als politiek, absoluut in Amerikaanse handen blijven. Radio als een medium kwam pas enkele jaren later om de hoek kijken dankzij de vooruitziendheid én geslepenheid van een Russische immigrant, David Sarnoff (1891-1971). Die kwam in 1900 als jonge knaap met zijn Joodse ouders mee naar Amerika.

Titanic en music box

De jonge student Sarnoff kluste in april 1912 bij als manager van een telegramstation van Marconi Wireless op het dak van de Wanamaker Store in New-York, toen hij plots drie dagen en drie nachten lang een cruciale rol speelde in de reddingsoperatie voor de gezonken Titanic. Hij week geen seconde van zijn post tot hij en zijn assistent alle 706 namen van de geredde passagiers hadden genoteerd via zijn morse-station en ze doorspeelde aan de wachtende reporters en persagentschappen.

Sarnoff zou dat Titanic-verhaal later in zijn biografie nogal zwaar kleuren. Het zou ook niet de laatste keer zijn. Sarnoff stond er immers om gekend dat hij heel erg vol was van zichzelf.

David Sarnoff in 1919 als commercieel manager bij RCA

Zo claimde Sarnoff ook dat hij al in 1916 aan zijn Marconi-bazen had voorgesteld om een ‘radio music box’ te ontwikkelen. Het principe om muziek uit te zenden via de radio was op dat moment al succesvol getest en Sarnoff kwam met een plan om radiotoestellen te bouwen waarmee radioprogramma’s gewoon in de huiskamer zouden kunnen beluisterd worden. Volgens Sarnoff had zo’n toestel alles in zich om een massaproduct te worden, plus kon het bedrijf ook nog eens inkomsten halen uit de verkoop van zenders aan radio-omroepen.

De muziekdoos zou voor 75 dollar kunnen verkocht worden, rekende hij voor. Maar in die oorlogsjaren had het bedrijf geen oor naar het revolutionaire idee, beweerde Sarnoff. De memo werd wel een stukje radiogeschiedenis, al hebben historici pas in 2002 uitgevist dat die in feite pas in 1920 werd geschreven, toen het concept van radio al heel wat verder stond.

Grootste radiobedrijf

De “American Marconi”, zoals het bedrijf bekend stond, beschikte tijdens de eerste wereldoorlog over krachtige alternators voor transatlantische transmissies. Die waren gebouwd door General Electric, maar het zinde de Amerikaanse overheid niet dat dit krachtig zendspul bij een bedrijf belandde waarvan de meerderheid in handen was van Europese spelers. Vooral de Amerikaanse marine wilde, in het belang van de nationale veiligheid, dat die strategisch zeer waardevolle activa ook na de oorlog stevig verankerd zouden worden bij een volledig Amerikaans bedrijf.

Dat bedrijf was General Electric (GE). American Marconi was immers een van hun grootste klanten voor zenders. Het kocht American Marconi en David Sarnoff verhuisde mee. GE transformeerde American Marconi op 20 november 1919 in de Radio Corporation of America. Het werd op slag het grootste radiocommunicatiebedrijf in de Verenigde Staten en dat zou het nog een halve eeuw blijven.

Om het nieuwe bedrijf uit te bouwen was er een ingewikkeld kluwen nodig aan patenten, waardoor ook andere bedrijven (Westinghouse en AT&T als belangrijkste) en Amerikaanse individuen zich konden inkopen in RCA en het aandeel van GE terugviel naar 30 procent.

In het begin hield RCA zich enkel bezig met draadloze communicatie met zeeschepen. Tachtig procent van de Amerikaanse koopvaardijvloot was uitgerust met RCA-apparatuur. In Rocky Point, op Long Island, werd eind 1921 Radio Central voltooid, 25 vierkante kilometer groot en op dat moment het allereerste radionetwerk voor wereldwijde draadloze communicatie. Radio als een medium, dat zou RCA pas beginnen interesseren na.. een boksmatch. Daarover leest u morgen meer in ons tweede deel: The Roaring Twenties.

Dossier 100 jaar RCA


TVV Sound
TVV Sound
Yesterdayland
TVV Sound
TVV Sound
Spotlight
TVV Sound
Je zou ook interesse kunnen hebben in...
Van dinsdag 6 tot en met vrijdag 9 augustus biedt RadioVisie u in een vierdelig
Van dinsdag 6 tot en met vrijdag 9 augustus biedt RadioVisie u in een vierdelig
Van dinsdag 6 tot en met vrijdag 9 augustus biedt RadioVisie u in een vierdelig
Zoals gewoonlijk is wat er achter de schermen gebeurt veel interessanter (voor ons) Het blijft
De historie conserveren is de bedoeling van dit dagelijkse rubriekje waarin je alle opvallende gebeurtenissen
Net nu ze een degelijke wedstrijd konden bedenken, doen ze het niet! Omdat we het
De historie conserveren is de bedoeling van dit dagelijkse rubriekje waarin je alle opvallende gebeurtenissen
De historie conserveren is de bedoeling van dit dagelijkse rubriekje waarin je alle opvallende gebeurtenissen

Reageer op dit artikel

avatar
  Inschrijven  
Abonneren op
Meer in Dossier
De ‘favoriete’ microfoon van de radio-dj

Bepaalden videoclips het radiobeleid? (video)

De kwestie kanaal 10: wat verbergt Vlaanderen voor de EBU?

Eurobarometer: radio blijft meest geloofwaardige medium

Frankrijk begraaft DMB-R, de bastaardzoon van DAB

Lokale DAB+ in Wallonië: wat kan Vlaanderen leren? (deel 3)

Sluiten